FAQs

Meer

mediums, oplosmiddelen, schoonmaken

Verder worden oplosmiddelen gebruikt om mediums en vernissen vloeibaar te houden en te verdunnen, om gereedschap en penselen te reinigen en ook voor het verwijderen van oude vernislagen.

Dat komt omdat mediums niet alleen gebruikt kunnen worden om de verf te verdunnen, maar ook om bewust de eigenschappen van verf te beïnvloeden. Aan mediums kan een matteringsmiddel worden toegevoegd zodat de verf matter wordt. Je hebt speciale gelmediums om acrylverf in hele dikke reliëfs te kunnen opzetten. Er zijn speciale glaceermediums voor olieverf en ook voor acrylverf om de verf gemakkelijk in hele dunne lagen te kunnen schilderen, zonder dat de penseelstreek zichtbaar blijft. Sneldrogende en traagdrogende mediums beïnvloeden de droogtijd van de verf. Sommige olieverfmediums bevatten een klein percentage hars om de verflaag te versterken. 

Terpentijn en terpentine zijn beide oplosmiddelen voor olie en hars. Terpentijn is een vloeistof die gewonnen wordt uit pijnbomen door droge destillatie van het naaldhout, veelal uit Italië of Frankrijk. Ofschoon terpentijn een natuurproduct is en de harsachtige geur door menigeen wordt gewaardeerd, is de schadelijkheid groter dan die van terpentine. Ook de werking (vetoplossend vermogen) is sterker. Terpentine is een destillaat van aardolie, is vrij zuiver en 100% vluchtig. Omdat de schadelijkheid minder is dan die van terpentijn en de prijs bovendien gunstiger, is het raadzaam terpentine te gebruiken om gereedschappen te reinigen.

 
Meer

vernissen

Damarvernis is een in terpentijn opgeloste natuurlijke boomhars en is van de traditionele vernissen vrijwel de enige die nog wordt gebruikt. Na droging zal de vernislaag in de tijd vergelen en bros worden. Een voordeel is dat damarvernis, ook na vele jaren, zeer makkelijk weer van het schilderij is te verwijderen.

 

Retoucheervernis dient om tijdens het maken van een schilderij of vrijwel direct na het voltooien eventuele matte, ingeschoten plekken weer op de juiste glansgraag te brengen. Tijdens het schilderen kunnen "ingeschoten" plekken ontstaan: de verf slaat mat weg, de intensiteit van de kleur neemt af. Dit is niet te vermijden en wordt veroorzaakt door een combinatie van de gebruikte kleur, het soort en de hoeveelheid toegevoegd verdunningsmiddel en de absorptie van de ondergrond. De hoeveelheid olie in de verf kan per kleur verschillen, hoeveel verdunningsmiddel er wordt toegevoegd eveneens. Als verf relatief weinig olie bevat waarvan een deel door de ondergrond wordt geabsorbeerd, kan de kleur inschieten. Om nu het schilderij op kleurharmonie te beoordelen is moeilijk, en dus het nemen van de juiste beslissingen over hoe verder geschilderd moet worden. Door de ingeschoten plekken (als ze goed handdroog zijn) zeer dun te behandelen met retoucheervernis komen glans en kleur weer terug. Als de ingeschoten plekken erg absorberend zijn kan het nodig zijn de handeling (na tussentijdse droging) te herhalen voordat glans en kleur weer op peil zijn. De vernis droogt in enkele uren en laat een poreuze film achter die geschikt is voor hechting van een eventuele volgende verflaag. Het is van groot belang de retoucheervernis zeer spaarzaam op te brengen omdat de nog niet volledig droge verf kan oplossen in het oplosmiddel van de vernis. Bij voorkeur opbrengen met een spuitbus. Voor deze toepassing wordt retoucheervernis ook wel ophaal- of uithaalvernis genoemd.

Het antwoord is: Ja het is beter dat een olieverfschilderij gevernist wordt met een slotvernis. Dat voorkomt veroudering en beschermt de verflaag tegen vervuiling. Olieverf is een chemisch (oxidatief) drogende verf, de olie droogt door zuurstofopname uit de lucht. Hierdoor worden de moleculen in ketens aan elkaar gekoppeld. (Ultraviolet)licht is nodig om hiervoor de energie te leveren. De chemische droging van lijnolie neemt veel meer tijd in beslag dan de fysische droging van de andere verfsoorten. Afhankelijk van de laagdikte en het type pigment is de verffilm handdroog in ongeveer één tot zes weken. Het geheel doordrogen van de film duurt minimaal een half jaar bij dunne lagen, tot één jaar bij de meest gebruikelijke dikte van de verflaag en bij erg dikke lagen zelfs meerdere jaren. De opname van zuurstof stopt dan niet; nu begint het verouderingsproces in werking te treden. Na het drogen en voor het verouderingsproces van de verf begint is het dan ook raadzaam het schilderij met een slotvernis te behandelen. De opname van zuurstof wordt hierdoor afgeremd en daarmee ook het verouderingsproces. Ook is het belangrijk dat de verf door een vernis wordt beschermd tegen vuil. Stof en aanslag nestelen zich in de loop van de tijd niet alleen op, maar ook in de verflaag als een schilderij niet is gevernist. Is een schilderij gevernist, dan kan de vernislaag met vuil en al worden verwijderd zonder de verf te beschadigen. In verband met de duurzaamheid van de verffilm mag een schilderij pas gevernist worden met slotvernis als de verf geheel droog is, dus ½ - 2 jaar na het schilderen, afhankelijk van de laagdikte van de verf.