Verschillende soorten wit

De kenmerken van de verschillende soor­ten wit in kunstschildersverf

In principe zijn er maar drie verschil­lende witten in olieverf

  1. loodwit
  2. zinkwit
  3. titaanwit

  Loodwit

  • Droogt het snelste, hecht uitstekend en levert een tamelijk elastische olieverffilm.
  • Het kleurafneemvermogen ligt tussen zink‑ en titaan­wit.
  • Zeer dekkend, maar wordt op den duur transparant zodat onderliggende lagen kunnen gaan doorschemeren.
  • Gemengd met lijnolie vergeelt het sneller dan andere wit­ten.
  • Is gevoelig voor zwavel, en wordt donkerder in met zwavel verontreinigde lucht.
  • Is giftig.

verschillende-witten-1 Zinkwit

  • Heeft opvallende lichtkracht in direct zonlicht. (reflecte­rend).
  • Heeft gering kleurafneemvermogen.
  • Geeft levendige en frisse kleuren bij mengen.
  • Is iets blauwer/kouder van toon dan lood‑ of titaanwit.
  • Is Lichtecht.
  • Vormt een brossere en hardere verffilm dan loodwit.
  • Is het zuiverste van alle witten en zeer geschikt als meng­ wit.
  • Is het minst dekkende wit.
  • Is niet gevoelig voor atmosferische invloeden.

Titaanwit

  • Heeft zeer groot kleurafneemvermogen en is het best dekkende  wit.
  • Is het minst zuiver bij mengen.
  • Is lichtecht en niet gevoelig voor atmosferische invloeden.

 Gemengd wit

(is dus iets anders dan "mixing white", dat is wit om mee te mengen)

  • Is meestal een mengsel van zink‑ en titaanwit.
  • Gemengde witten proberen de beste eigenschappen van beide componenten te verenigen. Zo verkrijgt men een gouden mid­denweg om al te negatieve eigenschappen van één wit te vermijden.

Kleurafnemvermogen

Is een term om aan te geven hoeveel wit aan een kleur toege­voegd moet worden om de gewenste pasteltint te berei­ken.

Groot vermogen ‑‑ weinig wit nodig.

Klein vermogen ‑‑ veel wit nodig.

bron: Talens/Wil Goris

Afbeelding:
Franz Marc
Siberische honden in de sneeuw
1909/1910
National Gallery of Art - Washington